De weg naar geestelijke doorbraak

Weer even een stukje wat naar voren kwam in mijn tijd met de Heer. Als spiegel naar mezelf en medechristenen..

Ruben

10/11/20262 min lezen

Stel je voor: je maakt je huis grondig schoon. Je poetst, je ruimt op, alles blinkt. Maar de voordeur laat je op een kier staan. Zou je dan verbaasd zijn als er ongewenst bezoek binnenkomt?

Zo werkt het ook geestelijk. Je kunt geen doorbraak verwachten zolang er nog deuren van duisternis openstaan.

Ik zie het steeds vaker: christenen die bidden om vrijheid en herstel maar tegelijk vasthouden aan dingen die daar recht tegenover staan. Horrorfilms als vermaak. Harry Potter als “onschuldig” kinderplezier. Een kaartje leggen “voor de lol”. Zelfs onder leiders en voorgangers zie je het: mensen die prediken over heiligheid, maar in hun vrije tijd flirten met wat de Bijbel duisternis noemt.

Jezus vertelt hierover een indringende gelijkenis, in Lucas 11:24-26. Een onreine geest verlaat een mens, zwerft rond, en vindt geen rust. Dan denkt hij: ik ga terug naar het huis waar ik vandaan kwam. Hij treft het “geveegd en op orde” aan leeg, maar niet gevuld. Dus haalt hij er zeven andere geesten bij, erger dan hijzelf, en trekt weer in. Het einde van die mens is erger dan het begin.

Opruimen alleen is niet genoeg. Een leeg huis is nog geen veilig huis. Als je de deuren niet sluit én iets anders laat binnenwonen, komt de duisternis met versterking terug.

En laat één ding duidelijk zijn: dit is geen oproep tot krampachtigheid. Jezelf beschermen is geen angstige overlevingsstrategie, het is nuchter goed rentmeesterschap over je hart. We hoeven niet bang te zijn voor duisternis. Christus heeft haar overwonnen, punt uit (Kolossenzen 2:15). Maar overwinning betekent niet dat we er lichtzinnig mee omgaan. Juist omdát we niet bang hoeven te zijn, kunnen we helder en zonder paniek kiezen: dit laat ik toe, dit niet. Dat is geen angst. Dat is geestelijk onderscheid.

Wat je kijkt, vormt wat je accepteert.

Wat je entertaint, vormt wat je uitnodigt.

Wat je beoefent, vormt wat jou beheerst.

Efeziërs 5:11: “Neem geen deel aan de vruchteloze werken van de duisternis, maar ontmasker ze veeleer.” Niet: “geniet ervan, zolang je maar weet dat het nep is.” Ontmaskeren. Blootleggen. Afstand nemen vanuit overwinning, niet vanuit angst.

Romeinen 12:2: word niet gelijkvormig aan deze wereld, maar word veranderd door de vernieuwing van je denken. Vernieuwing begint bij kiezen wat je toelaat in je hart en je huis.

Wandel in het licht. Bewaak je gedachten. Bescherm je hart. Kies wat opbouwt, niet wat verblindt.

Een paar vragen om eerlijk mee te bidden:

• Is er iets in mijn entertainment dat ik zou verbergen als Jezus naast me op de bank zat?

• Waarom voelt “het is maar fictie” soms als een excuus in plaats van een overtuiging?

• Kies ik uit angst voor duisternis, of uit overwinning over duisternis en voel ik zelf het verschil?

• Welke deur houd ik open, ook al weet ik diep vanbinnen dat hij dicht moet?